Conisatie

Behandeling van de baarmoederhals bij afwijkende cellen

De gyneacoloog doet een conisatie als er cellen in de baarmoederhals zitten die wijzen op een voorstadium van baarmoederhalskanker. Bij een conisatie neemt de gynaecoloog een kegelvormig stukje van de baarmoederhals weg. Dit gebeurt via een operatie, met een mesje. 

De behandeling

Conisatie gebeurt meestal onder narcose of soms met een ruggenprik. De operatie wordt gedaan via de vagina (schede). U krijgt dus geen litteken op uw buik. De operatie duurt kort. 

Wat voelt u ervan 

Bij narcose of een ruggenprik voelt u niets van de operatie. Soms heeft u wat buikpijn als u weer wakker wordt. 

Narcose of ruggenprik

Bij een narcose of ruggenprik mag u na 12 uur middernacht voorafgaand aan de behandeling niets meer eten en drinken. U krijgt dan een dagopname. Dat betekent dat u diezelfde dag weer naar huis mag. Zorg er wel voor dat u door iemand opgehaald wordt.

Na de behandeling

Na een conisatie brengt de gynaecoloog soms een tampon in de vagina. Deze tampon bestaat meestal uit een lang gaas-lint. De urinebuis kan 
hierdoor een beetje dichtgedrukt worden. Plassen kan daardoor wat lastiger zijn. Daarom krijgt u soms een urine-katheter in de blaas. Deze wordt verwijderd nadat de verpleegkundige de tampon heeft verwijderd.

Soms brengt men een soort materiaal bij de baarmoederhals in om het bloeden te helpen stoppen. Dit kan uit zichzelf oplossen. Maar 
soms glijdt het na de operatie als een dikke bruine prop uit de vagina naar buiten. Dit is normaal. 

Daarnaast heeft u meestal ruim een week of langer bloedverlies. Dit wordt langzaam minder en gaat over in bruingelige afscheiding. 

Het gebruik van tampons

Het gebruik van tampons raden veel gynaecologen af zolang u nog bloedverlies of bloederige afscheiding heeft na de behandeling. 

Seksualiteit

Seks (gemeenschap) wordt over het algemeen afgeraden zolang u nog bloedverlies of bloederige afscheiding heeft na de behandeling. Een orgasme (klaarkomen) kan geen kwaad.

Soms heeft u wat bloedverlies na de seks. De baarmoederhals is dan nog niet helemaal is genezen. Wacht dan nog wat langer voordat u weer seks heeft.

Zwemmen, baden en douchen

Sommige gynaecologen adviseren om niet te zwemmen of een bad te nemen zolang er nog bloederige afscheiding is. Andere gynaecologen hebben hier geen bezwaar tegen. U kunt wel gewoon douchen. 

Wanneer contact opnemen

Hevig bloedverlies 
Verliest u na de behandeling van de baarmoederhals veel bloed, dus meer dan bij een zware menstruatie? Neem dan contact op met de gynaecoloog. Na een conisatie is de kans hierop ongeveer 5%. 

Koorts
Ook als u na de behandeling koorts krijgt is dit een reden voor overleg met de gynaecoloog.

De uitslag

Na een behandeling van de baarmoederhals komt u enkele weken later terug op de polikliniek. De gynaecoloog bespreekt dan de uitslag met u. Ook kijkt de gynaecoloog vaak hoe de baarmoederhals geneest en bespreekt met u hoe de controles verder verlopen. 

Bij meer dan 90% van de vrouwen wordt het uitstrijkje na een behandeling weer normaal. Dit is een teken dat de behandeling goed is gegaan.

In enkele gevallen blijkt het uitstrijkje na een behandeling nog steeds afwijkend. Bij de helft van deze vrouwen wordt het uitstrijkje vanzelf weer normaal, bij de andere helft blijft het afwijkend. De gynaecoloog doet dan (opnieuw) colposcopisch onderzoek. De uitslag bepaalt of een tweede behandeling nodig is. 

Sommige vrouwen krijgen een tijdje na de behandeling opnieuw een afwijkend uitstrijkje. Daarom krijgt u een halfjaar, een jaar en 2 jaar na de behandeling opnieuw een uitstrijkje. Bij een goede uitslag wordt u daarna naar de huisarts terugverwezen. 

HPV - vaccinatie

Na een conisatie kan de gynaecoloog u adviseren om u aanvullend te laten vaccineren tegen het HPV-virus.

U krijgt dan een Gardasil-vaccinatie. Gardasil beschermt tegen de HPV-soorten 6, 11, 16 en 18. Deze HPV-soorten veroorzaken genitale wratten (6, 11) en voorstadia van baarmoederhalskanker (16, 18). Het vaccin beschermt hiertegen als iemand nog niet eerder een van deze HPV-soorten gehad heeft. Maar door het vaccin is de kans is ook kleiner dat baarmoederhalskanker en/of genitale wratten terugkomen na succesvolle behandeling ervan. 

Net als bij andere vaccins biedt Gardasil geen 100% bescherming. Bovendien beschermt het niet tegen alle HPV-soorten. Vaccinatie is daarom geen vervanging van het uitstrijkje vanuit het bevolkingsonderzoek. Het is dus belangrijk dat u ook nog steeds uitstrijkjes laat maken.

De vaccinatie bestaat uit 2 of 3 injecties. U krijgt de injecties bij de huisarts of op de Polikliniek gynaecologie. U maakt zelf een afspraak voor de eerste injectie. De tweede injectie krijgt u na ongeveer 2 maanden (in ieder geval na 1 maand). De derde injectie krijgt u na 6 maanden (minimaal 4 maanden, maximaal 12 maanden later).

De kosten voor vaccinatie worden meestal niet vergoed. Neem voor meer informatie contact op met uw zorgverzekeraar. 

Complicaties en risico's

Complicaties op korte termijn van een behandeling van de baarmoederhals zijn er nauwelijks. U blijft gewoon menstrueren. Meestal zijn er geen problemen met zwanger worden, met de zwangerschap zelf of tijdens de bevalling.

Heel soms komen de volgende problemen voor: 

Problemen bij het zwanger worden 
Na een behandeling maakt de baarmoederhals soms minder slijm aan. Slijm van de baarmoederhals is noodzakelijk voor zaadcellen om vanuit de vagina naar de baarmoeder en de eierstokken te komen. Heel soms kan te weinig slijmproductie een reden zijn dat zwanger worden lastiger is

Problemen tijdens de zwangerschap
Als bij conisatie een groot stuk van de baarmoedermond is weggehaald, is de kans op een vroeggeboorte iets groter.

Problemen tijdens de bevalling 
In zeer zeldzame gevallen ontstaat er na een behandeling van de baarmoederhals heel sterk littekenweefsel. Mogelijk gaat de baarmoederhals dan moeilijker open tijdens de bevalling. 

Problemen bij het afnemen van uitstrijkjes 
Door sterk littekenweefsel kan de ingang van de baarmoederhals erg nauw worden. Het kan dan moeilijk zijn om cellen van de binnenkant van de baarmoederhals te krijgen voor een uitstrijkje.

Pijnlijke menstruaties 
Is de baarmoederhals als gevolg van littekenweefsel erg nauw geworden? Dan kan uw menstruatie pijnlijker zijn dan voorheen.